Suor Angelica


 

 
Suor Angelica

Giacomo Puccini

 
11 februari 2012


Met deze korte opera van Puccini keerden we weer terug naar waar het tien jaar eerder allemaal begon: in onze huiskamer, die deze keer was omgebouwd tot nonnenklooster annex kapel.

“Suor Angelica” is de middelste van drie korte opera’s van Giacomo Puccini, die samen het avondvullende “Il Trittico” vormen. Het libretto is van Giovacchino Forzano. Plaats van handeling is een nonnenklooster nabij Siena (Italië) aan het einde van de 17e eeuw.

foto's


(Klik op het plaatje)

 uitvoerenden

Suor Angelica Hanneke van der Velden
haar tante Annelies Rooijackers
abdis Marianne Senden
toezichthoudster Tonny Frèrejean
novicenmeesteres Willemien Leermakers
Suor Genovieffa Heidi Noteboom
Suor Osmina + bedelzuster Dienke van Kimmenade
Suor Dolcina Kitty van Eijk
Suor Lucilla + bedelzuster Hennie Maathuis
novice Anna Provoost
lekenzusters Manja Geijsel, Ine Eijsbouts
   
piano Alison Black
sopraninoblokfluit Anna Provoost
regie en muzikale leiding Caroline Spanjaard

 

impressie

door Annelies Rooijackers

11 februari 2012, 22.00 uur. Het doek valt… terug naar de werkelijkheid, het aardse leven. Onder het genot van een lekker hapje en drankje komen de ontladingen bij de zangers & spelers. Ook de rode wangetjes van Alison getuigen nog van de grote inspanningen op de mooie vleugel. De kloosterklokken hebben geklonken door de hand van Wim. Hij liet zelfs de zon ten hemel stijgen. Er wordt enthousiast nagepraat met de gasten over de zojuist voorbije tweede voorstelling van Suor Angelica. Een nazit in de prachtige ambiance van het nonnenklooster in Siena met tevens de mogelijkheid om je nog even terug te trekken in de serene rust van de kapel.
Ik kijk even rond in de zaal van het klooster en zie dat geleidelijk de habijten van de nonnen weer verdwijnen. Laat ik ook maar even omkleden zodat ik mijn strenge rol als de tante, welke ik zojuist gespeeld heb, daarmee ook neer kan leggen. Het voelt een beetje melancholiek. Mijn kleding weer in de tas. Geleende spulletjes worden weer ingepakt. Hier en daar worden handen gedrukt en knuffels gegeven. De samenwerking was weer super leuk. Nieuwe contacten opgedaan. Leren van en met elkaar… Alweer een geslaagd project! Als ik dan toch eindelijk maar naar huis ga kijk ik vol trots nog even om. Dankjewel Caroline!

 
het verhaal

De zusters zingen hun lofzang in de kapel. Zuster Angelica is te laat. Ook de twee lekenzusters komen te laat en zij vergeten, in tegenstelling tot Angelica, om boete te doen.

Als de dienst is afgelopen komt iedereen naar de binnenplaats. De toezichtshoudster straft de twee lekenzusters omdat zij geen boete hebben gedaan. Ze moeten de gebeden voor de armen twintig maal herhalen. Ook zuster Lucilla krijgt straf omdat ze iedereen aan het lachen heeft gemaakt in de kapel. En dan nog zuster Osmina; die moet direct naar haar kamer, omdat ze twee rozen in haar mouw had verstopt.

Zuster Genevieffa wijst naar de fontein, waarvan het water goud kleurt door de avondzon. De novicenmeesteres legt de novice uit dat dit maar drie avonden per jaar gebeurt. Het is een teken van God’s goedheid. De zusters besluiten om wat van het gouden water op het graf van de vorig jaar overleden zuster Bianca Rosa te sprenkelen. Die zou dat zeker gewild hebben. Angelica is van mening dat verlangens niet voor de doden zijn, maar voor de levenden. Als zuster Genevieffa aan zuster Angelica vraagt of zij verlangens heeft reageert Angelica ontkennend. De anderen weten dat dit niet waar is en dat ze al zeven jaar verlangt naar bericht van haar familie. Sinds ze het klooster inging heeft ze niets meer van hen gehoord. Het gerucht gaat dat ze voor straf naar het klooster is gestuurd.

Dan arriveren de twee bedelzusters met manden vol lekkere dingen: Een van de bedelzusters zegt een koets bij de ingang van het klooster te hebben zien staan. Angelica vraagt nerveus hoe de koets eruit zag. De bedelzuster weet het niet precies, ze weet alleen dat het een sjieke koets was. De zusters vragen zich af wie er op bezoek komt. Dan gaat de bel. De abdis roept zuster Angelica. Opgelucht halen alle zusters adem, blij dat het langverwachte bezoek voor Angelica eindelijk komt. De zusters gaan naar het graf van Bianca Rosa en zingen een Requiem. De abdis laat weten dat het bezoek niemand minder is dan de tante van Angelica, een kille en ongenaakbare prinses.

De prinses treedt binnen en legt Angelica uit dat zij zeggenschap kreeg over het familiebezit toen Angelica’s ouders twintig jaar geleden overleden. Zij moet de erfenis op een rechtvaardige manier verdelen. Ze heeft een document bij zich dat Angelica moet ondertekenen. Nu Angelica’s zusje gaat trouwen vindt de prinses het redelijk om Angelica geheel te onterven vanwege de schande die ze de familie heeft toegebracht. Angelica heeft namelijk een buitenechtelijke relatie gehad en daaruit is een kind geboren.
De prinses vertelt over de etherische ervaringen die ze regelmatig heeft wanneer ze naar de kapel gaat om te bidden. Tijdens die ervaring ontmoet ze Angelica’s overleden moeder en hoort ze de doden huilen. En telkens komt er dan één woord bij haar op dat ze tegen Angelica wil zeggen: Boete! Angelica vindt dat ze meer dan genoeg heeft geboet voor haar zonden en ze zegt dat ze de herinnering aan haar zoontje, dat haar zeven jaar geleden is afgenomen, niet kan loslaten. Angelica wil dolgraag weten hoe het met haar zoontje gaat, maar de prinses zegt niets. Na aandringen van Angelica vertelt haar tante dat het kind twee jaar geleden is gestorven. Angelica tekent het document en stort in. De prinses vertrekt.

Zuster Angelica krijgt een visioen. Ze denkt dat haar zoontje haar roept om naar hem toe te komen in het paradijs.

De zusters komen terug en zij verzekeren Angelica dat de heilige Maagd haar gebed heeft verhoord. Angelica vraagt hen de Heilige Maagd voor haar te prijzen in een lofzang. Ze loopt naar buiten, waar een hemels licht haar tegemoet komt …